Kieuwpauze.

De eerste kieuw verscheen tijdens het bespreken van de kwartaalplanning, vlak onder Marleens linkeroor. Ze voelde geen pijn, alleen een koel lijntje waar haar kraag tegenaan schuurde. In de spiegel van het toilet zag ze drie fijne plooien die op het verkeerde moment opengingen. Zodra iemand naast haar een handendroger aanzette, sloten ze zich weer. Thuis probeerde ze een nat washandje, een kom water en voorzichtig de douche. Daarvan werden de plooien uitsluitend nat. Ze kon er niet door ademen en had er geen enkele behoefte aan in een zwembad te stappen. De volgende ochtend ontstond aan de andere kant hetzelfde patroon. In de lift hield een collega zijn pasje bij haar hals, omdat hij dacht dat het misschien een nieuwe toegangstechniek was. De deur ging niet open. Ze moesten gewoon op de knop drukken.

Pas bij de wekelijkse vergadering werd de functie duidelijk. De directeur vroeg of er nog bezwaren waren en keek vervolgens op zijn laptop. In de stilte die ontstond, gingen de kieuwen open en nam Marleen iets op waarvoor ze geen ander woord had dan ruimte. Het was geen lucht; haar longen werkten onveranderd door. Het voelde alsof een te strakke gedachte een knoop losmaakte. Zodra de directeur zei dat hij dan aannam dat iedereen akkoord was, klapten de plooien dicht. Marleen stak haar hand op. Ze had wel degelijk een bezwaar, namelijk dat een stilte niet automatisch toestemming betekende. Dat was meteen het einde van de gunstige omstandigheden. De notulist schreef dat Marleen moeite had met de doorlooptijd. Over de kieuwen werd niets genoteerd, omdat die niet op de agenda stonden.

Een deskundige die door personeelszaken was ingehuurd, noemde het een evolutionair uitstapje. Hij vertelde er uitdrukkelijk bij dat evolutie in de gewone biologie geen bureau was dat op dinsdag een nieuwe medewerkerfunctie ontwierp. Maar voor wat er met Marleen gebeurde, had ook hij alleen een voorlopige omschrijving. Hij stelde voor om elke vergadering twee minuten stil te laten vallen. Dat voorstel kreeg onmiddellijk een werkgroep, een schema en een voorzitter die de stilte ging begeleiden. De voorzitter telde hardop af, vroeg halverwege hoe iedereen het vond en sloot af met een toelichting. Marleens kieuwen bleven dicht. Haar collega’s wezen erop dat zij nu al drie vergaderingen extra hadden bijgewoond vanwege een voorziening die nog steeds niets opleverde. Ze voelde zich bijna verplicht de plooien op eigen kracht open te trekken, maar wist gelukkig niet hoe.

Op vrijdag bleef ze na het overleg zitten om haar aantekeningen te ordenen. De schoonmaker kwam binnen, knikte en begon op zijn gemak stoelen recht te zetten. Hij vroeg niets over haar hals. Er was geluid genoeg: poten over linoleum, een emmer tegen de deur, ergens een telefoon. Toch gingen de kieuwen open. Blijkbaar hadden ze geen absolute stilte nodig, maar de afwezigheid van iemand die het beschikbare moment alvast in bezit nam. Marleen legde haar pen neer. Na een tijdje vroeg de schoonmaker of zij klaar was met de tafel. Ze zei ja en stond op. Haar halsplooien sloten zich zonder protest. De maandag daarop schrapte ze zichzelf uit de werkgroep. Als reden vulde ze in dat de omgeving van het verschijnsel voorlopig meer onderzoek nodig had dan het verschijnsel zelf. Daar kwam geen antwoord op. Dat werkte uitstekend.

Geef een antwoord

Omhoog ↑

nl_NLNederlands

Ontdek meer van Mijn NiemandsLand

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder