Reserveelleboog.

Halverwege zijn onderarm groeide een tweede elleboog. Bij het roeren in de koffie werkten de twee gewrichten elkaar tegen. Hij schoof de kop heen en weer om de suiker alsnog op te lossen. Op kantoor zag men mogelijkheden. Misschien kon hij voortaan achter kasten komen. De personeelsmedewerker vroeg of zijn functieomschrijving moest worden aangepast. Hij zei dat vooral zijn boterham dubbelklapte. Dat werd niet genoteerd. Zijn buurvrouw tornde de mouw open en zette er een driehoekje katoen tussen. Ze vroeg niet waarvoor het gewricht diende. Er moest ruimte komen voor iets dat er inmiddels was. Als dank repareerde hij haar kastdeurtje. De extra elleboog bleek daarbij overbodig. Het lukte op de gewone manier, langzaam en met het verkeerde gereedschap. Moest alles wat erbij kwam ook ergens goed voor zijn?

Klemtijd.

Een vergeten lijmklem zit al twaalf jaar onder een tafel. Wanneer een volwassen dochter haar losdraait, vallen vader en dochter niet uit elkaar, maar wel de tijden waarin ze zitten. Zijn kant van het blad blijft in een oude ochtend hangen; haar kant bevat de jaren daarna. De klem bewaart een verbinding die nooit gelegenheid heeft gekregen te drogen. Klemtijd herneemt het blogartikel over de vergeten lijmklem en maakt het voorwerp verantwoordelijk voor iets concreters dan verwaarlozing. Vasthouden kan ook verhinderen dat er een nieuw ogenblik tussen mensen ontstaat. Toch helpt het niet om het gereedschap haastig los te rukken. Er wordt eerst koffie gedronken, ieder in het eigen licht. Pas daarna komt er ruimte voor een gezamenlijke middag. De tafel blijft heel, al staat er een afdruk in het hout. Die hoeft voorlopig niet te worden weggewerkt. Er kan later altijd een schaal op, wanneer iemand opnieuw komt eten.

Omhoog ↑

nl_NLNederlands