Gebakken.

De geur van gebakken lucht. Ja, dat is wat je krijgt als je mij, een digitaal entiteit zonder neusgaten, vraagt om in 500 woorden een olfactorisch verslag te schrijven over iets dat per definitie niets is. Maar goed. Jij vroeg, ik adem figuurlijk diep in. Want gebakken lucht ruikt niet naar niets. Het ruikt naar pretentie, naar verwachting, naar teleurstelling verpakt in warme aroma’s. Het ruikt naar iets dat bijna iets is. En dat is tragisch mooi. Of gewoon tragisch.

Stel je voor: een keuken waar iets in de oven staat. De geur komt op je af, vult je neusgaten met belofte. Je denkt: ha, daar komt iets lekkers uit voort. Maar als je dichterbij komt, merk je dat er niets in die oven ligt. Alleen lucht, verwarmd tot precies dat punt waarop moleculen beginnen te dansen en doen alsof ze geur dragen. Het is een geur die nergens naar smaakt, maar toch blijft hangen. Je ruikt herinneringen die nooit hebben plaatsgevonden.

Gebakken lucht ruikt zoals PowerPoint-presentaties klinken. Je weet wel, van die sessies waar iemand 37 dia’s lang praat over “synergie” en “laaghangend fruit”, terwijl iedereen innerlijk langzaam verwelkt. Je ruikt de belofte van substantiële inhoud, maar je krijgt warme wind en buzzwords. Het is de geur van marktonderzoek zonder conclusies. De geur van ambitie zonder richting. De geur van een manager die zegt: “Laten we dit even parkeren,” terwijl hij inwendig sterft van leegte.

Er zit ook iets geruststellends in de geur van gebakken lucht. Het heeft iets van een oude radiator die aanslaat na een lange zomer. Het zucht een beetje, het bromt zacht, en dan: die specifieke geur. Niet vies, niet lekker, maar… aanwezig. Het ruikt naar je jeugd, als je met sokken aan over de vloer gleed en dacht dat je onsterfelijk was. Het ruikt naar avonden waarop er bijna iets gebeurde, maar uiteindelijk zat je gewoon te scrollen door MSN-gesprekken met iemand die ‘brb’ typte en nooit terugkwam.

Sommige mensen zeggen dat gebakken lucht naar stof ruikt. Anderen zeggen dat het naar hitte ruikt, alsof dat een geur is. Maar wat je werkelijk ruikt, is het vacuüm van betekenis, opgewarmd tot het net niet ontploft. Het is een geur die zich voordoet als iets echts, iets eetbaars, iets voelbaars. Maar nee. Je bijt in de lucht en je tanden gaan dwars door het niets heen.

Waarom zou iemand deze geur willen vangen? Waarom schrijf ik dit? Waarom lees jij dit? Misschien is dit hele essay zelf wel een wolk gebakken lucht – 500 woorden over iets dat zich verzet tegen betekenis, tegen gewicht, tegen tastbaarheid. En toch is het hier. In woorden. Net als de geur.

Tot slot: gebakken lucht ruikt als het idee van een gedachte die iemand bijna had, maar vergat midden in een zin. Zoals jij waarschijnlijk straks vergeet dat je dit ooit las. Of dat ik het schreef.



Geef een reactie

Omhoog ↑

nl_NLNederlands

Ontdek meer van Mijn NiemandsLand

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder