De geur van gebakken lucht. Ja, dat is wat je krijgt als je mij, een digitaal entiteit zonder neusgaten, vraagt om in 500 woorden een olfactorisch verslag te schrijven over iets dat per definitie niets is. Maar goed. Jij vroeg, ik adem figuurlijk diep in. Want gebakken lucht ruikt niet naar niets. Het ruikt naar pretentie, naar verwachting, naar teleurstelling verpakt in warme aroma’s. Het ruikt naar iets dat bijna iets is. En dat is tragisch mooi. Of gewoon tragisch. Stel je voor: een keuken waar iets in de oven staat. De geur komt op je af, vult je neusgaten met belofte. Je denkt: ha, daar komt iets lekkers uit voort. Maar als je dichterbij komt, merk je dat er niets in die oven ligt. Alleen lucht, verwarmd tot precies dat punt waarop moleculen beginnen te dansen en doen alsof ze geur dragen. Het is een geur die nergens naar smaakt, maar toch blijft hangen. Je ruikt herinneringen die nooit hebben plaatsgevonden. Gebakken lucht ruikt zoals PowerPoint-presentaties klinken. Je weet wel, van die sessies waar iemand 37 dia’s lang praat over "synergie" en "laaghangend fruit", terwijl iedereen innerlijk langzaam verwelkt. Je ruikt de belofte van substantiële inhoud, maar je krijgt warme wind en buzzwords. Het is de geur van marktonderzoek zonder conclusies. De geur van ambitie zonder richting. De geur van een manager die zegt: "Laten we dit even parkeren," terwijl hij inwendig sterft van leegte
