Een grasveld is een tapijt van kleine wonderen, een verzameling van miljoenen groene vingers die reikhalzend naar de hemel wijzen. Ze wachten op je aanraking, je fluisterende streling – het kietelen dat hen doet dansen in het ochtendlicht. Hoe je dat doet? Begin met stilte. Ga op je knieën zitten, voel de aarde onder je handen, de veerkracht van het gras dat zich uitstrekt en buigt. Laat je adem kalm worden, alsof je samen met het gras ademt. Steek dan langzaam je hand uit. Denk niet aan het eindresultaat, aan het perfecte plaatje – denk aan het spel. Laat je vingers zachtjes over de toppen van de sprieten glijden. Voel hoe het gras zich opent, hoe het een geheim met je wil delen. Elke spriet is een klank, een toon in een stille symfonie. Wanneer je je hand door het veld laat gaan, luister je naar die muziek. Het gras fluistert terug, een ritselend liedje dat je enkel hoort als je je hart opent.
