Hoekschuld.

De driehoek lag op tafel en kwam niet uit. Twee hoeken gedroegen zich behoorlijk, de derde bleef te klein, hoe zorgvuldig de man hem ook tekende. Op een vlak hoorde de som van de binnenhoeken honderdtachtig graden te zijn. Daar viel normaal weinig aan te onderhandelen. Deze driehoek kwam verder dan honderdzeventig niet. Er ontbraken tien graden, en het papier vertoonde op die plaats een smalle open kier waardoor de tafel zichtbaar was. Hij controleerde zijn potlood. Het was niet stomp genoeg om zo’n principiële afwijking te veroorzaken. Daarna keek hij naar de kamer. De hoek tussen deur en boekenkast leek opvallend ruim geworden. Het licht bleef er langer hangen dan gewoonlijk. De driehoek had kennelijk geprobeerd zijn tekort elders te financieren en daarbij alvast meer meegenomen dan hij nodig had. De man schoof het vel opzij. De kier schoof mee. Er kwam een lichte tocht uit, alsof het ontbrekende stukje richting nog met een buitenwereld in verbinding stond. Hij had uitsluitend een plank willen uittekenen voor de kast. Nu moest hij eerst de ruimtelijke administratie van zijn woning op orde brengen.

Een hoek was geen voorwerp dat je in een lade kon bewaren. Je kon de benen van een figuur verplaatsen, het vlak buigen of een andere meetkunde kiezen, maar dan veranderde je de voorwaarden waaronder het geheel werd beschreven. De man bleef opzettelijk aan zijn gewone tafel zitten. Hij had geen behoefte aan een gekromd universum om één plank passend te krijgen. Toch bood de kamer allerlei voorstellen. De deuropening kneep samen, het raam werd een beetje ruitvormig en de stoel kreeg een zitting waarop links en rechts verschillende meningen over horizontaal hadden. Iedere schenking veroorzaakte elders een gebrek. Het leek op een huishouden waarin iemand met het ene vrije uur steeds een andere afspraak moest repareren. De driehoek zelf bleef zwijgend op het papier liggen. Hij vroeg niet veel, maar eiste wel precies dat wat overal al in gebruik was. De man nam een tweede vel en tekende een nieuwe driehoek. Die klopte onmiddellijk. Het verschil tussen beide figuren was haast niet zichtbaar, totdat hij ze over elkaar legde. De kier in de eerste zocht de hoek van de tweede op. Zelfs een correct voorbeeld kon blijkbaar als leverancier worden behandeld wanneer je lang genoeg naar zijn ruimte keek.

Hij stopte met aanvullen. In plaats daarvan knipte hij het papier langs de drie lijnstukken open. De onmogelijke driehoek verloor haar aanspraak op geslotenheid en werd drie losse stroken. De tien ontbrekende graden waren nu nergens meer verschuldigd, omdat de vorm die ze had geëist niet langer bestond. Het raam kreeg zijn rechthoek terug. De stoel werd zitbaar. Uit de hoek naast de boekenkast verdween het overtollige licht, dat zich zonder bezwaar over de vloer verdeelde. De man keek naar de stroken. Ze waren van weinig nut voor een bouwtekening, maar geschikt om tussen twee bladzijden te leggen. Hij stopte er één in het boek dat al weken naast zijn bed lag. Met een ander stukje papier noteerde hij de maten voor een rechthoekige plank, uitsluitend in woorden. Dat was geen bescherming tegen fouten, alleen een manier om het probleem weer de omvang te geven die hij ervoor overhad. De derde strook bleef op tafel liggen. Niemand vroeg haar nog om iets te sluiten. Ze boog vanzelf een beetje omhoog waar het papier nat was geworden van zijn kopje.

Geef een antwoord

Omhoog ↑

nl_NLNederlands

Ontdek meer van Mijn NiemandsLand

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder