In het land der blinden, zo zegt het spreekwoord, is één oog koning. De betekenis van deze uitdrukking is alom bekend: degene met een klein beetje meer kennis of vermogen heeft een voordeel. Maar in de realiteit, in de dagelijkse praktijk, blijkt dat de “koning” met zijn ene oog vaak degene is die verantwoordelijkheden krijgt opgelegd en de rommel mag opruimen die anderen niet eens zien.
In veel organisaties en sociale situaties zien we het verschijnsel terug: de persoon met een klein beetje meer inzicht of capaciteit wordt vaak ingezet als de redder in nood. Waar anderen fouten maken door gebrek aan overzicht, wordt van degene met “één oog” verwacht dat hij de problemen oplost en de zaken rechtzet. Dit leidt tot overbelasting, frustratie, en uiteindelijk zelfs uitputting van de persoon die eerst als redder werd geprezen, maar steeds meer de last van zijn helderziendheid begint te voelen.
Deze realiteit creëert een vorm van isolement. De ene-oog-koning in een wereld van blinden is weliswaar in staat om iets te zien wat anderen niet kunnen, maar ontvangt zelden de erkenning en waardering die past bij zijn rol. Zijn correcties en inspanningen worden niet begrepen, en zijn adviezen worden vaak genegeerd of over het hoofd gezien. Hij ziet de gevaren, voorspelt de problemen en geeft waarschuwingssignalen af, maar omdat de blinden de diepte van deze waarschuwingen niet kunnen bevatten, blijft hij alleen staan in zijn inzicht. Wat overblijft is een verantwoordelijkheid die bijna onmenselijk lijkt, een constante verwachting om te zorgen voor wat anderen niet kunnen.
Het spreekwoord “in het land der blinden is één oog koning” roept misschien beelden op van macht en controle, maar voor de persoon in die rol is de realiteit vaak eenzaamheid en onbegrip. Het is tijd dat we dit gezegde herzien: in het land der blinden is één oog niet koning, maar slechts een dienaar die de last draagt van zien.


Geef een reactie